Definities

Definities

Begrip

Omschrijving

Advanced Internal Ratings Based (AIRB)

De hoogste en meest gedetailleerde methode voor berekening van de kapitaaleisen voor kredietrisico onder Basel II op basis van interne kredietrisicomodellen.

Assets under Management (AuM)

De activa, waaronder investeringsfondsen en activa van particulieren en instellingen, die professioneel worden beheerd om het beleggingsresultaat te maximaliseren.

Basel I

Het Bazel I-kapitaalakkoord is de overeenkomst die in 1988 door de centrale banken van de (toenmalige) G10 is gesloten om tot een gemeenschappelijke minimumnorm voor de solvabiliteit in de bankensector te komen.

Basel II

Het Basel II-raamwerk, opgesteld door het Bazel Committee voor het banktoezicht, voorziet in een nieuwe set normen voor het vaststellen van minimale kapitaaleisen voor banken.

Basel III

De derde set Bazel-akkoorden, ontwikkeld in reactie op de financiële en bankencrisis in de periode 2007-2012. De Bazel III-normen schrijven (onder meer) een hogere kapitaaleis en verbetering van de kwaliteit van kapitaal, een betere risicodekking en de invoering van een maximum leverageratio voor.

Basispunten

Een basispunt (bp) is een honderdste deel van 1 procentpunt.

Bezwaarde activa

De activa die, expliciet of impliciet, aan een regeling is verpand of onderworpen, ter waarborging, zekerheidsstelling of kredietverbetering van een transactie.

Bijzonder beheer

Het service center waar dossiers terechtkomen van klanten die problemen hebben met het betalen van hypotheeklasten.

Bijzondere waardeverminderingen op leningen en overige vorderingen

Een voorziening in de winst- en verliesrekening opnemen om eventuele kredietverliezen op voorziene leningen te dekken.

CO2

Een broeikasgas dat ontstaat bij onder meer de verbranding van fossiele brandstoffen en bijdraagt aan klimaatverandering. Ook bekend als koolstofdioxide.

Compliancerisico

Het risico dat de integriteit van de onderneming wordt aangetast door handelingen (of het nalaten hiervan) in strijd met haar interne (kern)-waarden, maatschappelijke normen en waarden of gedrag gerelateerde wet- en regelgeving dan wel voorschriften waaraan de onderneming gebonden is bij de verlening van haar financiële diensten, of de vertaalslag hiervan in interne regelgeving.

Covered bonds (CB)

Covered bonds zijn gedekte financieringsinstrumenten (obligaties) met langere looptijden. Dit type obligatie verschilt van een standaardobligatie doordat een beroep kan worden gedaan op een pool van activa (dekkingsactiva). In geval van nalatigheid kan de obligatiehouder een beroep doen op de emittent en deze pool van activa.

Credit rating

De beoordeling van een credit rating agency (kredietbeoordelaar) waarbij de kredietwaardigheid van een land, bedrijf of instelling wordt aangeven. Deze beoordeling wordt uitgedrukt in een combinatie van letters en/of cijfers.

Credit  Valuation Adjustment (CVA)

De marktwaarde van het tegenpartij kredietrisico ten opzichte van de (totale) marktwaarde van een derivaat.

Duration van het eigen vermogen

De duration van het eigen vermogen geeft de rentegevoeligheid van de marktwaarde van het eigen vermogen weer tot een parallelle verandering van de rentecurve met 1%.

Economisch kapitaal

Een schatting van de hoeveelheid kapitaal die een bank zou moeten aanhouden om met een bepaalde mate van zekerheid grotere dan verwachte verliezen op te kunnen vangen.

Exposure at Default (EAD)

De EAD is de verwachte omvang van de risicopositie als een tegenpartij in gebreke blijft.

Gestandaardiseerde benadering (Basel II en III)

De gestandaardisseerde benadering voor het kredietrisico berekent het kredietrisico volgens een gestandaardiseerde methode, met behulp van externe kredietbeoordelingen.

Hedging

Het geheel of gedeeltelijk afdekken van een financiële positie door een transactie aan te gaan waarvan de waardeverandering tegengesteld beweegt aan de waardeverandering van de oorspronkelijke positie., vaak door middel van derivaten.

International Financial Reporting Standards (IFRS)

De IFRS, voorheen de ‘International Accounting Standards’ (IAS), worden opgesteld en aanbevolen door de ‘International Accounting Standards Board’. Vanaf het boekjaar 2005 zijn beursgenoteerde ondernemingen in de EU verplicht IFRS toe te passen.

Juridisch risico

Het risico dat de onderneming aansprakelijk wordt gesteld voor huidige en toekomstige schades.

Kapitaaltoereikendheid

Een maatstaf voor de financiële kracht van een bedrijf, vaak uitgedrukt in het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal of – voor banken – in de BIS-ratio.

Kapitalisatierisico

Het risico dat de kapitaalpositie onvoldoende is om als buffer te dienen voor het optreden van onverwachte verliezen die kunnen optreden als één of meer risico’s waaraan de onderneming blootstaat zich manifesteert.

Begrip

Omschrijving

Kredietequivalent

Onder het kredietequivalent verstaan we de totale som van de kosten van vervangende transacties (indien tegenpartijen hun verplichtingen niet nakomen) en het potentiële toekomstige kredietrisico. Het kredietequivalent is dan een opslagpercentage op de hoofdsom van het contract. Het opslagpercentage is afhankelijk van de aard en resterende looptijd van het contract.

Kredietrisico

Het risico dat een kredietnemer/tegenpartij een financiële of andere contractuele verplichting niet nakomt.

Liquiditeitsrisico

Het risico dat de onderneming niet op korte termijn kan beschikken over voldoende liquide middelen om aan financiële verplichtingen te voldoen, onder normale omstandigheden of in tijden van stress. Daarnaast wordt onder liquiditeitsrisico de kans verstaan dat de balansstructuur zich zodanig ontwikkelt dat de onderneming overmatig blootgesteld raakt aan verstoringen binnen haar fundingbronnen.

Liquidity Coverage Ratio (LCR)

De Liquidity Coverage Ratio (LCR) is een indicator die inzichtelijk maakt of voldoende liquide activa aanwezig zijn om een 30-daags stress-scenario op te vangen.

Marktrisico

Het risico dat het vermogen, resultaat of de continuïteit wordt bedreigd door bewegingen in het niveau van en/of volatiliteit in marktprijzen waaraan de onderneming blootstaat.

Net Stable Funding Ratio (NSFR)

De NSFR heeft als doel vast te stellen in welke mate langer lopende activa met stabielere vormen van funding worden gefinancierd.

Operationeel risico

Het risico van directe of indirecte verliezen die het gevolg zijn van ontoereikende of gebrekkige interne processen en systemen, van ontoereikend of gebrekkig menselijk handelen, dan wel van externe gebeurtenissen (zoals fraude- en criminaliteitsrisico’s).

Opties

Het contractuele recht om, gedurende een bepaalde periode of op een bepaalde datum, een bepaald aantal onderliggende aandelen of valuta tegen een afgesproken prijs te kopen (calloptie) of te verkopen (putoptie).

Preventief beheer

Een project van SNS, RegioBank en BLG Wonen dat klanten met dreigende betalingsproblemen preventief helpt.

Rendement op eigen vermogen

Het rendement op eigen vermogen (ROE) is de nettowinst toekomend aan gewone aandeelhouders van de moedermaatschappij gedeeld door het eigen vermogen.

Repo

Bij een repo, ook wel ‘repurchase agreement’, worden effecten verkocht waarbij wordt afgesproken dat de verkoper de effecten op een bepaalde datum weer terugkoopt.

Reputatierisico

Het risico dat doelstellingen niet (kunnen) worden behaald omdat onvoldoende rekening wordt gehouden met het door de buitenwereld gedeelde beeld en oordeel over de onderneming (onder wie klanten, tegenpartijen, aandeelhouders en toezichthouders).

Residential Mortgage Backed Securities (RMBS)

RMBS, oftewel hypotheeksecuritisaties, zijn gedekte lange termijn financieringsinstrumenten. Een pool van de onderliggende activa, in dit geval zelf afgesloten woninghypotheken, zorgt voor de kasstromen naar obligatiehouders. Zie ook: securitisatie.

Securitisatie

Het structureren en bundelen van (schuld)vorderingen en het verhandelen daarvan in vorm van effecten.

Spaarhypotheken

Spaarhypotheken zijn hypotheken met een gekoppelde spaarverzekering waarbij het opgebouwde kapitaal wordt gebruikt voor terugbetaling van de hoofdsom aan het einde van de looptijd. Een Bankspaarhypotheek werkt volgens hetzelfde principe met dien verstande dat sprake is van een gekoppelde bankspaarrekening.

Strategisch risico

Het risico dat strategische doelstellingen niet worden gerealiseerd, omdat de onderneming niet, niet in voldoende mate, of niet snel genoeg op veranderingen in de omgevingsfactoren en het ondernemingsklimaat reageert.

Stresstest

Een methode om de stabiliteit van een systeem of entiteit te testen als deze via een simulatie aan uitzonderlijke omstandigheden wordt blootgesteld.

Tier 1-kernkapitaalratio

Het kernkapitaal van een bank, exclusief preferente aandelen, uitgedrukt als percentage van het totaal van de risicoposten.

Verslaggevingsrisico

Het risico dat de onderneming haar interne en externe stakeholders en toezichthouders onbetrouwbare informatie verstrekt.

SLUITENDOWNLOAD SELECTIE

Stel uw jaarverslag zelf samen

SELECTIE (0)